'Ach, componeren. Je zit wat te schrijven. Misschien mag het gerust de naam van componeren hebben, maar dan denk ik direct aan de echt grote componisten. Bach, Beethoven. Die talenten heb ik helaas niet.
Ik schrijf gewoon wat. Later ga je die dingen nog weer eens door zitten spelen en dan verdwijnt het ene kladje in de prullenbak, die verveelt me dan; en de andere gaat netjes in de kast. Die vind ik mooi. Dan belt soms een uitgever en zegt: 'Joh, stuur me dat eens op.' Nou dat werk je dan uit en dat vind ik leuk.
Dan zeggen ze ook wel eens: 'Ah, dat is weer een trio en dat is weer echt Zwart.' Maar dat zie je toch bij Bach ook?
Als je Bach hoort, dan zeg je: 'Echt Bach.' Het dagblad Trouw heeft me eens betiteld als 'Bach aan de IJssel'.
Het was me een eer. Geen slechte leermeester.
Laatst hoorde ik zeggen: 'Zwart is een trioboer, die schudt zo de trio's uit z'n mouw.' Nou, dat vond ik ook al geen scheldnaam. Trioboer.'